Boete van €1.230 passend en geboden; Hof ziet door de wijze van handelen van belanghebbende geen aanleiding om de boete nog verder te matigen

Belanghebbende heeft, hoewel daartoe te zijn uitgenodigd, niet binnen de daartoe gestelde termijn aangifte vennootschapsbelasting gedaan voor het jaar 2012.

In hoger beroep is uitsluitend de hoogte van de verzuimboete in geschil. Belanghebbende stelt dat de verzuimboete moet worden gematigd tot € 246. De inspecteur concludeert tot bevestiging van de uitspraak van de Rechtbank waarbij de verzuimboete is gematigd tot € 1.230. De Rechtbank heeft de boete met 50% gematigd wegens de slechte financiële omstandigheden waarin belanghebbende verkeert en het feit dat zij op korte termijn zal worden geliquideerd.

Gelet op het feit dat belanghebbende meermalen door de inspecteur is gewezen op haar aangifteverplichting, dat belanghebbende weigerachtig blijft de door de inspecteur gestelde vragen te beantwoorden en dat belanghebbende bovendien ook voor jaren 2013 en 2014 niet aan haar aangifteverplichting heeft voldaan, ziet het Hof geen aanleiding om de boete nog verder te matigen. Het Hof acht een boete van € 1.230 passend en geboden. Dat belanghebbende slechts een holdingfunctie heeft en haar activiteiten van geringe omvang zijn doet daaraan niet af.

Hof Arnhem-Leeuwarden, 29 september 2015

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:7347