Valsheid in geschrifte en belastingfraude via afroomknop in kassasysteem

Doordat met een verborgen functie omzet retour geboekt werd, bleek de in het kassasysteem geregistreerde omzet van verdachte lager dan de werkelijk gemaakte omzet.

Anders dan de verdediging betoogt, is de rechtbank van oordeel dat bewezen kan worden dat de verdachte wist dat bij het bedrijf waarvan hij eigenaar was, gebruik werd gemaakt van de verborgen retour functie. Daartoe baseert de rechtbank zich onder meer op de verklaring van de verdachte dat hij Z-afslagen maakte op de computer boven, in combinatie met het gegeven dat uit onderzoek naar de kassa’s is gebleken dat onder het bediendenummer van de verdachte in 2008 in ieder geval 26 verborgen retourboekingen zijn verricht.

De verdachte heeft verklaard dat de boekhouder altijd zijn belastingaangiftes invulde. Nu verdachte ook heeft verklaard dat hij vervolgens een print van die aangifte kreeg opgestuurd ende belastingaangiftes (indirect) op de Z-afslagen werden gebaseerd, kan het volgens de rechtbank niet anders dan dat de verdachte wist dat de omzet zoals geregistreerd (op de Z-afslagen) ten gevolge van verborgen retour boekingen incorrect was.

Daarnaast baseert de rechtbank zich op de verklaring van verdachte dat hij verantwoordelijk was voor de administratie (…) en dat hij de inkopen deed. Verdachte was degene die zicht had op de omzet van het bedrijf en op het contante geld dat in het bedrijf omging. Op basis hiervan kan het volgens de rechtbank niet anders dan dat verdachte ervan op de hoogte was dat er omzet retour werd geboekt. Gezien zijn positie binnen het bedrijf is verdachte aan te merken als feitelijk leidinggever.

De rechtbank acht de tenlastelegging van het onder 1 (medeplegen van valsheid in geschrift door de vennootschap, verdachte gaf feitelijk leiding), 2 (opzettelijk doen van onjuiste aangifte) en 3 (medeplegen van opzettelijk onjuiste aangifte door de vennootschap, verdachte gaf feitelijk leiding), bewezenverklaard en heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk.

Rechtbank Rotterdam, 10 juni 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:4224

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBROT:2015:4224&keyword=belasting