‘Even banden oppompen’ in Nederland leidt tot naheffing MRB met verzuimboete

Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd van € 1.174 alsmede een verzuimboete van 100%.

Bij een controle in Rotterdam is geconstateerd dat belanghebbende met een in België geregistreerd motorrijtuig gebruik heeft gemaakt van de openbare weg. Voor dit gebruik was geen motorrijtuigenbelasting voldaan. Om die reden heeft de inspecteur de motorrijtuigenbelasting nageheven en daarbij een verzuimboete van 100% opgelegd.

Volgens de Rechtbank staat vast dat belanghebbende gebruik heeft gemaakt van de Nederlandse weg en dat hij op dat moment stond ingeschreven in het BRP. Met de enkele stelling van belanghebbende dat de auto eigendom is van zijn vader en dat hij er op de desbetreffende dag alleen even in reed om de banden te gaan oppompen, heeft belanghebbende niet doen blijken dat hij de auto niet feitelijk ter beschikking had. Daarom heeft de inspecteur naar het oordeel van de Rechtbank terecht de motorrijtuigenbelasting voor een periode van 12 maanden nageheven. Dat er reeds in België motorrijtuigenbelasting voor de auto wordt betaald, maakt dit niet anders. Nu er voorts een tegenbewijsregeling in de wet is opgenomen, kan een dergelijke heffing niet als strijdig met het Unierecht worden beschouwd in het kader van een disproportionele heffing.

Door de inspecteur is de verzuimboete in bezwaar reeds gematigd tot € 117 in verband met de financiële omstandigheden van belanghebbende. Naar het oordeel van de Rechtbank is er geen aanleiding om de boete (verder) te matigen.

Rechtbank Den Haag 3 april 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:4181

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2017:4181