Verdachte veroordeeld voor plegen faillissementsfraude, belastingfraude, valsheid in geschrifte en als executeur verduisteren van een erfenis

Verdachte is ervan beschuldigd als executeur € 35.000 van de nalatenschap van een overledene te hebben verduisterd waarbij hij voornoemd bedrag schaamteloos, en zonder enig overleg, heeft overgemaakt naar zijn eigen bankrekening om vervolgens privé te besteden. Ook zou hij als bestuurder van bedrijf X 5 auto’s van elk een waarde van € 10.000 aan de boedel van die rechtspersoon hebben onttrokken ter bedrieglijk verkorting van de rechten van schuldeisers (oftewel: faillissementsfraude) en feitelijk leiding hebben gegeven aan het door bedrijf X opzettelijk indienen van een onjuiste of onvolledige aangifte omzetbelasting en het feitelijk leiding geven aan het door bedrijf X valselijk opmaken van facturen.

Wat betreft de belastingfraude heeft verdachte zich volgens de Rechtbank schuldig gemaakt aan het opzettelijk indienen van een onjuiste aangifte omzetbelasting. Ook heeft hij het door bedrijf X ontvangen bedrag aan BTW niet aan de fiscus  afgedragen. Hierdoor werd te weinig belasting geheven. Verdachte heeft, als feitelijk bestuurder van bedrijf X, opdracht gegeven tot het plegen van dit strafbare feit. Als gevolg van zijn handelen heeft verdachte de overheid, en daarmee de samenleving, voor een bedrag van € 182.875,24 benadeeld. De Rechtbank neemt verdachte zijn handelen temeer kwalijk, nu van hem als bestuurder professioneel en integer handelen mocht worden verwacht. Verdachte heeft het vertrouwen dat in hem als bestuurders is gesteld ernstig beschaamd.

De ernst en de omvang van het bewezenverklaarde, rechtvaardigt dat aan verdachte een forse (deels) onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd. Bij de bepaling van de duur van die gevangenisstraf heeft de Rechtbank ten eerste rekening gehouden met het tijdsverloop van deze zaak, ten tweede met de omstandigheden dat verdachte op veel verschillende wijzen, namelijk door verduistering, faillissements- en belastingfraude, heeft geprobeerd geld naar zichzelf en zijn bedrijf toe te trekken, en dat dit over een lange periode is gedaan.

De Rechtbank rekent verdachte zwaar aan dat hij hier, tot op de dag van de zitting, geen verantwoordelijkheid voor neemt. In plaats daarvan trekt hij juist een rookgordijn op om zijn frauduleuze activiteiten te verdoezelen en probeert hij de schuld af te schuiven op anderen. De Rechtbank legt hem een celstraf op van 18 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBOVE:2020:251