Convenant Pilot Serious Crime Taskforce

Blijkens een bericht in het FD van 29 november 2019 is recent een ‘Serious Crime Taskforce’ van start gegaan bestaande uit publieke en private partners. Op 6 augustus 2019 werd het Convenant Pilot Serious Crime Taskforce reeds gepubliceerd in de Staatscourant. Op grond van dit convenant werken 4 banken (ABN AMRO, ING, Rabobank en Volksbank) samen met het Openbaar Ministerie, de Nationale Politie, de FIU en de FIOD op het gebied van bestrijding van ‘Serious Crime’. Na ondertekening door alle partijen geldt de pilot voor een jaar.

Achtergrond

Het Convenant lijkt op dat van de Terrorismefinanciering Taskforce, dat eveneens op 6 augustus 2019 in de Staatscourant werd gepubliceerd en dat de voortzetting is van een pilot die al sinds 2017 liep. Ten aanzien van terrorismefinanciering werd en wordt de noodzaak van publiek-private samenwerking onderbouwd met het substantiële dreigingsniveau dat in Nederland al enkele jaren van toepassing is.

Ten aanzien van Serious Crime luidt de onderbouwing voor de noodzaak van samenwerking als volgt: “Nederland is een doorvoerland voor drugs en criminele geldstromen. (…) De omvang van witwassen in Nederland in 2014 wordt geschat op 16 miljard euro, bestaande uit zowel nationale als internationale criminele winsten.” En: “Deze en andere vormen van georganiseerde criminaliteit zijn niet altijd direct even zichtbaar. Het gaat om crimineel handelen dat de potentie heeft om sluipenderwijs een zodanige sociale en economische invloed te ontwikkelen, dat het de fundamenten van de rechtsstaat kan ondermijnen en daarmee ook de veiligheid en integriteit van de samenleving.”

Serious Crime wordt in het convenant gedefinieerd als: “Zware georganiseerde criminaliteit waarvan een ondermijnende werking uitgaat op de samenleving. Meer in het bijzonder de criminaliteitsvormen, zoals de handel in en de productie van harddrugs, waarbij de omvangrijke criminele winsten en omzetten, waarvoor brokers de financiële sector misbruiken, leiden tot ondermijnende effecten. Dit betreft onder meer het verhullen en witwassen van crimineel vermogen en het faciliteren van betalingen voor extreem geweld en corruptie, zoals geduid in het Nationaal Inlichtingen Beeld Ondermijning (NIBO).”

Doelstelling

De taskforce wil samenwerking tussen de betrokken private en publieke partijen mogelijk maken om Serious Crime te voorkomen en op te sporen, mede in het belang van de bescherming van de integriteit van de financiële sector. Daartoe wordt informatie gedeeld om de rol van brokers te identificeren, op te sporen en tegen te gaan.

Alle informatie-uitwisseling dient binnen de grenzen van de relevante privacy wetgeving te gebeuren, zo wordt vaak herhaald in het convenant. Relevante wetten zijn bijvoorbeeld de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG, ook wel GDPR) en de Wet politiegegevens (Wpg). Voor de FIU geldt de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) als kader. Deze wetten laten informatie uitwisseling met derden onder strikte voorwaarden toe.

Banken hebben bijvoorbeeld in hun privacy-verklaringen opgenomen dat zij persoonsgegevens verwerken, onder meer door profilering, ter voorkoming en bestrijding van fraude. Onder de Wpg is informatieverstrekking aan derden soms toegestaan als het gaat om een zwaarwegend algemeen belang; het doel van het convenant, de bestrijding van Serious Crime, wordt in het convenant als zo’n belang betiteld. In de Wwft tenslotte worden vanaf 1 januari 2020 de informatie-uitwisselingsmogelijkheden voor de FIU verruimd, onder meer in FEC-verband. Het FEC is ook aangesloten bij de stuurgroep van de Taskforce Serious Crime.

Tot slot

In de praktijk zal op basis van het convenant, zo blijkt uit de preambule, gericht informatie over ‘brokers’ door publieke partijen aan de private partijen worden verstrekt, zodat de private partijen hun transacties (nog) beter op aan de FIU te melden ongebruikelijkheden kunnen beoordelen.

Het uiteindelijke doel van de samenwerking wordt als volgt omschreven: “Met interventies tegen deze sleutelfiguren kan de georganiseerde criminaliteit in Nederland een stevige klap worden toegebracht.”